Op ontdekking naar Diego Rivera/ Descubriendo a Diego Rivera

Diego Rivera is een internationaal bekende Mexicaanse artiest. Hij werd geboren in Guanajuato, op 8 november 1886, en overleed in Mexico Stad, op 24 november 1957. 

Op tienjarige leeftijd krijgt Diego Rivera zijn eerste artistieke vorming aan de Nationale Academie voor Schone Kunsten van San Carlos (“Escuela Nacional de Bellas Artes de San Carlos”), de eerste kunstschool van het Amerikaanse continent. Hier ontdekt hij het fotografisch realisme als een artistieke expressievorm, wat zijn eerste werken zal beïnvloeden. Later vervolgt hij zijn studie in Madrid, Spanje, in het atelier van de schilder Chicharro. Deze introduceert hem in het Spaanse realisme. Diego’s artistieke ambitie leidt hem later naar Parijs, waar hij enkele jaren zal verblijven, en van waar hij studiereizen maakt naar België, Nederland en Engeland. In Parijs zal hij deelnemen in tentoonstellingen van “La Société des Artistes Indépendants”, en wordt hij beïnvloed door verschillende neo-impressionistische kunststromingen, zoals het pointillisme, een stijl die hij in verschillende landschappen aanwendt. Door deel uit te maken van Picasso’s vriendenkring, zal hij zich ook interesseren in het kubisme, een stijl in dewelke hij verschillende werken creëert. Desalniettemin stuit Diego in het kubisme op artistieke limieten die hem niet toelaten een eigen stijl te creëren die overeenstemt met zijn nationalistische ideologie en het doel de kunst van het volk tot stand te brengen.

In 1920 beslist hij in Italië op zoek te gaan naar nieuwe inspiratie en dat in de vorm van de klassieken. Het zijn de Italiaanse fresco’s die hem toelaten een eigen stijl te ontwikkelen. In juli 1921 zal hij terugkeren naar Mexico, met een heleboel ervaringen en klaar om de opgedane kennis in praktijk om te zetten.

Voor Diego Rivera was Europa een bron van ideeën, zowel artistieke als ideologische, die hem toelieten te breken met de academische Mexicaanse traditie van toen, en om een unieke en nationalistische stijl te ontwikkelen die op deze manier de vorming van de artistieke avant-garde in de hand werkte.

De academische traditie in Mexico was eenvoudigweg een onevenwichtige reproductie van Europese stijlen en technieken, een gevolg van de periode en de afstand tussen beide werelden. De enige echte toevoegingen waren de nieuwe elementen, eigen aan de regio, die geïntegreerd werden in de schilderkunst, zoals de Amerikaanse landschappen, de exotische dieren en de Latijns-Amerikaanse levensstijlen.

Diego Rivera kwam aan in Mexico met een nationalistische en socialistische ideologie, en met de wens het inheemse verleden en haar kunsten in het licht te zetten. Deze werden, als gevolg van de koloniale repressie in het verleden en de Europeanisering van de burgerlijke Mexicaanse maatschappij aan het begin van de 20ste eeuw, vergeten of ondergewaardeerd.

Op het moment dat Diego Rivera beseft dat er binnen de kunstateliers en –scholen een beweging voor de spirituele onafhankelijkheid van Mexico, of -in andere woorden- voor de koloniale bevrijding van de artistieke inspiratie, ontstond, beslist hij -in 1923- David Alfaro Siquieros te helpen bij de stichting van het nieuwe syndicaat voor technische arbeiders, schilders en beeldhouwers. Het belangrijkste doel van dit syndicaat was om, door zich te identificeren met arbeiders en de aspiraties van het volk, dichter bij het volk (“sectores populares”) te komen te staan en op die manier een sociale revolutie tot stand te brengen dewelke meer ideologisch georganiseerd zou zijn,  en zou vechten voor de rechten van de onderdrukte klassen, vooral de inheemse bevolking die ze beschouwden als de etnische kracht van het Mexicaanse volk en van wiens manier om schoonheid te creëren ze konden leren.

Op die manier bevorderde het manifest van het syndicaat de collectieve volkskunst, waarbij de monumentale kunst, door haar publieke nut, verheerlijkt werd. Daarnaast verkondigde het dat elke manifestatie van burgerlijke esthetiek (zonder identiteit) de smaak van een ras dat haar kunst op spirituele wijze tot stand bracht, misvormde.

Diego Rivera, net zoals zijn gelijktijdige muralisten, geloofde dat hij een sociale verantwoordelijkheid had ten opzichte van het Mexicaanse volk. Daarom maakte hij van zijn kunst een communicatiemiddel langs hetwelk hij hun idee en interpretatie van het Mexicaanse heden en verleden toonde, middels een visuele vertelling waarin de grootheid van hun origine en cultuur herleefd en tegelijkertijd de voedingsbodem werd gelegd van zijn revolutionair gedachtegoed.

Diego Rivera was een controversieel man in alle facetten van zijn leven. Zo werd hij, ondanks het feit dat hij een overtuigd communist was, in 1927, na eerst uitgenodigd te zijn door het stalinistische regime om deel te nemen aan de tiende verjaardag van de Russische Revolutie,  uit de toenmalige Sovjet Unie gezet wegens vermeende anti-Sovjet activiteiten. In 1929 werd hij ook uit de Mexicaanse Communistische Partij gezet.

In 1930, na verschillende muurschilderingen in publieke ruimte gemaakt te hebben, wordt hij bekend tot in San Francisco, VS, waar hij een schilderij tentoonstelt in het California Palace of the Legion of Honor. In 1931 schildert hij de trap van de Luncheon Club van de San Francisco Stock Ecxhange en decoreert hij een muur in de California School of Fine Arts. De belangrijkste expositie in de VS zal evenwel de muurschildering zijn die hij op vier mobiele panelen in het Museum of Modern Art van New York toont, zijn.

Zijn faam spreidt zich snel verder uit in de Verenigde Staten, waar hij op een bepaald moment gevraagd wordt om een muurschildering te maken in het Rockefeller Center. Deze zal echter vernietigd worden, omdat het portret van Lenin er in voorkwam.

Hoewel Diego enthousiast was over zijn werk in de Verenigde Staten, keert hij in 1934, op vraag van zijn vrouw Frida Kahlo, terug naar Mexico Stad. Daar zet hij zijn muralistisch werk verder, maar blijft, ondanks het incident met het portret van Lenin, steeds in contact met de Verenigde Staten. In 1940 zal hij een muurschildering realiseren voor de Internationale Golden Gate Expositie.

Diego Rivera werkte intensief gedurende heel zijn leven. Kenmerkend waren zijn behendigheid en techniek, waarmee bij muurschilderingen, aquarellen, tekeningen en schilderijen realiseerde, alsook de vernieuwingen die hij teweegbracht in beeldhouw- en schilderkundige techniek. Zo gebruikte hij stenen van natuurlijke kleuren om de façade van het stadion van het universitaire complex van de UNAM te decoreren, een glasmozaïek voor het Insurgentes theater en gebruikte hij een gemengde stijl op doek voor een muurschildering in Polen.

Voor Diego Rivera is een kunstwerk in staat om bepaalde fysiologische fenomenen, die deel uitmaken van het menselijk organisme en vitale elementen zijn, tot stand te brengen. Op die manier is kunst voor Diego een essentieel onderdeel van het menselijk wezen, een soort voeding voor het leven. De kunstenaar geeft deze voeding aan het zenuwstelsel hetgeen de kunstenaar tot een eenvoudige arbeider maakt, zoals een landbouwer, dewelke hun grootsheid vinden in hun eenvoud.

Ter conclusie, en volgens Diego Rivera, is de kunstenaar een essentiële arbeider voor het sociaal organisme en niet een die louter voor versiering zorgt. Zijn werk is dan ook geen privilege van enkelen.

Diego Rivera es un artista mexicano de renombre internacional, nacido en Guanajuato, el 8 de Noviembre de 1886 y muere el 24 de noviembre de 1957 en la Ciudad de México.   

A la edad de 10 años, Diego Rivera recibirá su primera formación artística académica al ingresar a la Escuela Nacional de Bellas Artes de San Carlos (la primera escuela de arte del continente Americano), en donde descubrirá el realismo fotográfico como forma de expresión artística, el cual influenciará sus primeras obras; posteriormente continuara su formación en Madrid, España, en el taller del pintor Chicharro, quién lo introducirá en el realismo español; pero su ambición artística lo llevará a Paris, donde radicará por algunos años, pero haciendo diversos viajes de estudio a Bélgica, Holanda e Inglaterra. En  Paris participará en exhibiciones de “la Société des Artistes Indépendants”, y se verá influenciado por diversos movimientos artísticos del neo-impresionismo, particularmente por el puntillismo, realizando paisajes en este estilo.  De igual manera se interesará por el cubismo, al pertenecer al círculo de amigos de Picasso, realizando un importante número de obras cubistas; sin embargo, Diego encontró en el cubismo ciertas limitaciones artísticas, que no le permitían desarrollar un estilo propio, acorde a su ideología nacionalista y a sus objetivos de crear un arte popular.

En 1920, decide buscar en Italia su fuente de inspiración estudiando a los clásicos, y son precisamente los frescos italianos que le permitirán encontrar su propio estilo. Regresará a México en Julio de 1921, lleno de experiencias y listo para poner en práctica lo aprendido en Europa.

Para Diego Rivera, Europa fue una fuente de ideas, tanto artísticas como ideológicas, lo que le permitió romper con la tradición academista de su época en México, para crear un estilo único y nacionalista, ayudando de esta manera a promover la vanguardia artística en el país.

Cabe destacar que la tradición academista en México era simplemente una reproducción de estilos y técnicas europeas desfasadas, consecuencia de la época y de la distancia entre los dos mundos,  las  únicas aportaciones reales eran los nuevos elementos que se integraban a la pintura, propios de la región, como los paisajes americanos, los animales exóticos y los estilos de vida hispanoamericanos.

Diego Rivera había llegado a México con una ideología nacionalista y socialista, deseaba resaltar el pasado indígena y sus artes, olvidadas o menospreciadas en aquel entonces, consecuencia la represión colonial vivida en el pasado y de la europeización de la sociedad burguesa mexicana de inicios del siglo XX.

Al darse cuenta Diego Rivera que dentro de los talleres o escuelas de arte comenzaba a surgir un movimiento por la independencia espiritual de México o, en otras palabras, por la liberación colonial de la inspiración artística, en 1923 decidió ayudar a David Alfaro Siqueiros a constituir el nuevo sindicato de  Obreros Técnicos, Pintores y Escultores. La principal idea de este sindicato era converger con sectores populares, volviéndose obreros e identificándose con las aspiraciones de las masas, creando de esta manera una revolución social más ideológicamente organizada, que luchara por las clases oprimidas, en especial por los indígenas, a quienes consideraban que eran la fuerza étnica del pueblo mexicano, y de los cuales debían aprender su manera particular de hacer belleza.

Por lo tanto, el manifiesto del sindicato promovía el arte popular y colectivo, exaltando las manifestaciones de arte monumental por ser de utilidad pública, además proclamaba que toda manifestación estética burguesa (sin identidad), pervertía el gusto de una raza que manifestaba con espiritualidad su arte. 

Diego Rivera, al igual que sus contemporáneos muralistas, siempre creyó que tenía una responsabilidad social con el pueblo mexicano, por lo que hizo de su arte una forma de comunicación con las masas populares, a las cuales les presentaba su propia concepción e interpretación del pasado y del presente mexicano, utilizando una narración pictórica en la que les revivía la grandeza de sus orígenes y de su cultura, mientras sembraba en ellos un pensamiento revolucionario.

Diego Rivera fue un hombre polémico en todas las facetas de su vida, un ejemplo muy emblemático fue que a pesar de ser un comunista convencido, durante toda su vida, fue expulsado en 1927 de la entonces Unión Soviética, por presuntas actividades anti-soviéticas, después de haber sido invitado por el mismo régimen Estalinista para participar en el décimo aniversario de la Revolución Rusa, y en 1929 fue expulsado  también del Partido Comunista Mexicano.

En el 1930, después de haber pintado varios murales en espacios públicos, su fama llega hasta San Francisco, Estados Unidos, donde expone una obra de caballete en el California Palace of the Legion of Honor y en 1931 pinta la escalera del Luncheon Club del San Francisco Stock Exchange y decora un muro en la California School of Fine Arts; sin embargo, la exposición más importante que realizará en este país será en el Museum of Modern Art de Nueva York  donde mostrará su obra mural en cuatro tableros movibles.

La fama de Diego Rivera pronto se expandirá por todo Estados Unidos, al punto recibir el encargo de pintar un mural en el Rockefeller Center, el cual será destruido por estar incluido en la obra, el retrato de Lenin.

A pesar de que Diego estaba entusiasmado con su trabajo en los Estados Unidos, en 1934  regresa a la ciudad de México, por petición de su esposa Frida Kahlo, donde continuará con  su trabajo mural, pero no romperá lazos con los Estados Unidos, a pesar del incidente sucedido por el retrato de Lenin; por ello, en 1940 realizará una pintura mural para la Exposición Internacional del Golden Gate.

Durante toda su vida Diego Rivera trabajó activamente, destacando por su agilidad y técnica, realizando murales, acuarelas, dibujos y pinturas de caballete, así como su innovación en la técnica escultor-pictórica, al utilizar piedras de colores naturales para decorar la fachada del Estadio de Ciudad Universitaria de la UNAM, o decorando el Teatro Insurgentes con mosaicos de vidrio o utilizando una técnica mixta sobre tela en un mural que se encuentra en Polonia.

Para Diego Rivera, la obra de arte es una agente capaz de producir determinados fenómenos fisiológicos, que proporcionan al organismo humano, elementos necesarios para la vida , por lo tanto y desde el punto de vista de Diego, el arte es sin duda una necesidad vital para el ser humano, como el alimento para la vida.  Por ello, el artista es un nutridor que le proporciona alimento al sistema nervioso, lo cual convierte al artista en un humilde obrero, como lo es el campesino, los cuales en su humildad poseen su grandeza.

En conclusión, para Diego Rivera, el artista es un obrero esencial para el organismo social y no un obrero de adorno, ni su obra un privilegio de unos cuantos.

Door/Por Mayra Romero Guadalupe Romero López
Doctoraatstudente Kunst- en Cultuursociologie Universiteit Brussel/ Estudiante de doctorado en Sociologia del Arte y la Cultura en la Universidad Libre de Bruselas