MAFfe edities, nieuwtjes, verslagen, ...

W I P C O O P: Wippen met de toekomst – Door Wouter Hillaert

Missen de Vlaamse podiumkunsten diversiteit? Of gewoon de bril om ze op te merken? Al negen jaar biedt WIP, het Work In Progress-parcours van het Antwerpse Mestizo Arts Festival (MAF), een veilige plek waar nieuw-stedelijk talent pril materiaal kan uitproberen. De Vlaamse Gemeenschap schrapte haar steun, maar WIP breidde uit tot WIPCOOP, met nu ook presentaties in Gent en Brussel. Als er ergens een toekomst te voorvoelen valt voor het theater in Vlaanderen, dan misschien wel hier.

Kent iemand Jaouad Alloul? Opgeleid als chocolatier, baande hij voor zichzelf een pad als drag queen, om zich daarna in 2013 als zanger te laten opmerken in The Voice van Vlaanderen. Nu maakt hij theater. In zijn korte solo Zeemeermin zie je hem eerst sereen bidden richting Mekka en jeugdherinneringen ophalen aan de koranschool, waar hij als jonge moslim bepaalde vragen over het paradijs blijkbaar niet mocht stellen. Algauw gaat zijn kufi af, worden tattoos zichtbaar en vertelt hij hoe hij zich op school aangetrokken voelde tot een andere jongen. Maar zijn echte jongensdroom? Zeemeermin worden. Wanneer Alloul zijn lippen rood stift, onderstreept hij finaal zijn appel om eerst en vooral jezelf te durven zijn. Gecoacht door Nyira Hens, straalt hij dat ook als performer uit: zo pretentieloos zijn vertelling, zo vanzelfsprekend de flair waarmee hij het stof wegveegt uit de hokjes in onze kop. Als een vis in het water.

Hier hadden ook makkelijk andere namen kunnen staan. Wie kent Idy Mbengue? Of Jay Anane? Citlalli Avalos Montoya? Evangelos Biskas? David Ramos? Allemaal maakten ze tijdens de eerste WIPCOOP op 16-17 oktober in de Arenbergschouwburg in Antwerpen indruk met hun présence als performers of hun zelfbewustzijn als maker. Op de korte voorstelling die ze er presenteerden, viel vaak meer aan te merken. Dat weten ze zelf ook. Sommigen hebben nog maar een paar repetities achter de kiezen, anderen zijn nog op zoek naar ondersteuning om hun (mede)spelers te vergoeden of eens een langere periode te kunnen doorwerken. Maar er zijn er ook, zoals Jaouad Alloul met zijn Zeemeermin, die helemaal klaar zijn om de confrontatie aan te gaan met een breder publiek. In samenwerking met Wel Jong Niet Hetero heeft Alloul een hele tournee langs scholen vóór zich. ‘Of ik bang ben voor de reacties? Dan hebben we het er toch gewoon over?’ Alweer: de flair, het stof, de hokjes.

Noem het gerust de WIP-experience van een witte criticus: je denkt dat je het theaterveld kent, dat je weet wat er beweegt, zelfs onder de radar. Maar op één dag WIP zie je zoveel volslagen nieuwe makers en oeuvres passeren dat je wereld ineens iets met grenzen blijkt, en er een heel andere wereld opengaat. De meeste van die performers hebben vaak al een hele geschiedenis achter zich, met een aangescherpt ambacht in hun lijf of een uitgesproken visie op de tong – en je wist van toeten. De rilling van een vers begin, zo voelt het. Voor hen, maar vooral voor jou. De vraag is niet zozeer waar zij hebben uitgehangen. Nee, waar hing jij uit? Tja, in een veld waar we al jaren schreeuwen om makers met andere achtergronden en repertoires, verwoed onze hoofden schudden over hoe moeilijk het is, en dan de subsidies intrekken van MAF, het Antwerpse festival dat met zijn WIP’s al tien jaar al die makers aanzuigt – omdat we wat te weinig zijn gaan kijken naar wat er allemaal beweegt. Ziedaar mijn WIP-experience: een mix van fascinatie, consternatie en absurditeitsbesef. Maar vooral nieuwsgierigheid naar meer.

WIP – Work In Progress – ontwikkelde zich in 2009 binnen de derde editie van Mestizo Arts Festival, dat in 2007 zelf begonnen was onder de noemer ‘Mestizo Goes Theatre’: een reeks gespreide podiumproducties in de Arenberg van artiesten uit het brede netwerk van Fiëbre vzw, de Antwerpse organisatie die ook de creatieve straatfanfares van de Murga’s omkaderde. De kracht van ‘de mix’ was het centrale idee achter het Mestizo-festival, maar ook bij de tweede editie in 2008 viel op dat er amper organisatoren uit de reguliere podiumsector deel hadden aan die mix. ‘Zo had het geen zin’, blikt initiator Gerardo Salinas vandaag terug als stadsdramaturg van KVS. ‘Hoe konden we meer in dialoog gaan? Speeddates tussen makers en producenten riskeerden een eerder asymmetrisch gesprek op te leveren, dus dachten we: we nodigen sectormensen uit, maar leggen hen eerst het zwijgen op, door hen gewoon te doen kijken naar het werk en de leefwereld van nieuw-stedelijk talent, en pas daarna feedback te laten geven op wat ze zagen. Dat is de puurste basisvorm van het vak, ook bij rap en hiphop.’

Zo is tijdens Mestizo Goes Theatre 2009 het idee van WIP geboren: een reeks korte publieke previews van nog onafgewerkte producties, met tussenin ruimte voor feedback door een diverse groep van een tiental makers, dramaturgen, critici, organisatoren en sleutelfiguren uit werkplaatsen als wp Zimmer of d e t h e a t e r m a k e r. ‘WIP opent de weg naar een ander gesprek: makers kunnen hun netwerk verbreden en zien hun hopelijk sneller doorstromen naar het reguliere circuit’, aldus Salinas. Voor hem is het altijd cruciaal geweest dat dit gesprek plaatsvindt ‘op neutraal terrein’, zoals in de kantine van de Arenberg tijdens het festival, terwijl zo’n artistieke dialoog anders meestal gebeurt in het theaterhuis van de producent, waar al specifieke regels hangen en een onuitgesproken machtsverhouding geldt. ‘Tijdens WIP stapt iedereen uit zijn bekende kring, ook de feedbackgevers.’

In 2009 heetten de proefkonijnen Mokhallad Rasem, Enkidu Khaled en Leonardo Camarcio, maar eind 2017 zullen bijna honderd makers hen de jongste acht jaar achterna ‘gewipt’ zijn. Intussen klinken namen als Junior Mthombeni, Saïd Boumazoughe, Aminata Demba of Sachli Gholamalizad min of meer vertrouwd in de oren binnen het reguliere podiumveld, maar minstens voor sommigen had het misschien ook heel anders kunnen lopen zonder het biotoop van WIP en MAF, waarin ze hun eerste pogingen konden delen met een betrokken publiek en enkele vertegenwoordigers van die sector. Van sommige werkstukken – zoals Gecrasht van Enkidu Khaled, Dis-moi wie ik ben van Aminata Demba en Aïcha Cissé, of nu Kuzikiliza van Pitcho Womba Konga – zag je het ene jaar de aanzet in WIP, en het volgende jaar de afgewerkte versie op MAF, vaak gecoproduceerd door een ‘officiële’ speler.

Al die jaren heeft WIP gefunctioneerd als een contactpunt waar niet gedocumenteerde oeuvres zacht op hun bek konden gaan of hun potentieel net extra in de spotlights konden zetten voor zowel vertrouwde supporters als nieuwe tussenfiguren naar verdere ondersteuning. Niet dat er onderweg geen leergeld is betaald. Kan je op een halfuur een bevredigend gesprek voeren tussen soms heel uiteenlopende artistieke scholen, van Europees teksttheater tot urban dance of Iraans verteltheater? Is bij alle partijen duidelijk genoeg wat hun achtergrond is, en wat de wederzijdse verwachtingen zijn van het gesprek? Hoe vermijd je de verkeerde associatie met een jury, standaard bij rap battles? Gaat constructieve kritiek voor op het benoemen van de pijnpunten? Jaar per jaar zijn de kinderziekten aan het feedback-concept van WIP verder verholpen en is er rond talentontwikkeling heel wat netwerk en expertise opgebouwd.

Eén zorg blijft gelden: heeft MAF wel genoeg middelen gekregen om voor alle makers die ooit gepasseerd zijn in WIP, de benodigde nazorg te voorzien? Productioneel konden steeds slechts een beperkt aantal makers ondersteund worden om hun werk te finaliseren (MAF blijft een festival, geen productiehuis), maar ook voor de opvolging of doorverwijzing van anderen was er niet altijd het benodigde tijdskader. Je hoeft makers zeker niet te pamperen, veel hangt af van hun eigen noden en verwachtingen. Maar de vraag blijft gelden: is voor alle namen uit onderstaande lijst het maximum aan kansen benut kunnen worden?

De beoordelingscommissie van het laatste projectdossier van Fiëbre schoof die vraag echter carrément opzij, om liever de eigenlijke bestaansreden van MAF in vraag te stellen. ‘Steeds meer organisaties pikken in op de thema’s van Fiëbre en nemen (voor een deel) hun rol over. Een bezinning van waar het festival heen wil is op zijn plaats, meer nog daar de maatschappij ook verder evolueert en verandert.’ De artistieke beoordeling ‘nipt onvoldoende’ was de slotsom: afgelopen met de Vlaamse subsidies. Verwachten we dan echt dat voortaan het reguliere veld het aangroeiende potentieel van makers die vertrekken van de nieuwe stedelijkheid, zal behappen, en daar het juiste netwerk en de benodigde expertise voor heeft? Wat onder de radar van de gesubsidieerde sector blijft, vraagt juist een kader dat daar ten volle op inzet, waar andere huizen op kunnen inhaken, in plaats van zelf het warm water te moeten uitvinden. Als we het Vlaamse kunstenveld echt willen diversifiëren, lijkt extra ondersteuning voor zulke aanborende bronnen als MAF of kunstZ een veel efficiëntere strategie dan die expertise zomaar weg te vagen, vanuit een fout begrip van inclusie.

Fiëbre zelf deed waar het altijd al een punt van maakte: extra samenwerkingen aangaan, het eigenaarschap van zijn werking breder delen. Met pijn in het hart werd het festivalluik licht afgeslankt, om rond WIP zelf een meer autonoom netwerk van partnerships op te zetten, ook buiten Antwerpen. Zo werd nu WIPCOOP geboren: een bredere coöperatie rond het format ‘Work In Progress’, met nieuwe partners zoals Victoria Deluxe, Kopergietery, Campo en KVS – zodat de WIP’s in november ook in Gent en Brussel zullen doorgaan, geënt op het lokale netwerk aldaar. Dat maakt van WIPCOOP een boeiende poging om rond dit nog steeds erg noodzakelijke traject van talentontwikkeling tegelijk autonomie te behouden én die verder te spreiden. Alleen al qua structuur op zich is dat een vernieuwend voorstel voor culturele productie in Vlaanderen.

Daarom verdient WIPCOOP alle steun, ook opnieuw van de Vlaamse Gemeenschap en de rest van het veld. Omdat er in onze steden steeds meer potentiële Jaouads geboren worden of Idy’s en Citlalli’s aankomen. En omdat ‘onder de radar’ misschien wel een fijne vrijhaven kan zijn om je eigen verhaal en ambacht uit te bouwen, maar op termijn zelden de democratische plek zal blijken waar zowel nieuwe makers als de kunstensector zelf op zoek naar zijn of prat op gaan. WIPCOOP heeft een model ontwikkeld dat niet zomaar elders te reproduceren valt. Ga gerust eens mee wippen in Gent en Brussel…

WORK IN PROGRESS 2009: Mokhallad Rasem, Enkidu Khaled, Leonardo Camarcio

WORK IN PROGRESS 2010: Mauricio Ramírez, Sarah Dillen, Mostafa Benkerroum, Samir Bakhat, Said Ouadrassi, Paula Opazo Osorio, Ikram Aoulad, Junior Mthombeni, Jojo Ngamou.

WORK IN PROGRESS 2011: Marc De Pablo, Marina Rebezova, Yves Ruth & Ismael Ait Hamou (LGU), Dahlia Pessemiers

WORK IN PROGRESS 2012: Zukisa Nante, Mauricio Ramírez, Nyira Hens, Sarah Eisa, Betty Mansion, Ismael Ait Hamou, Medea Yarsan, Paula Opazo Osorio, Paolo Pecci Boriani, Carolina Belmar, Pierre Noël Bright, Xuan Nguyen.

WORK IN PROGRESS 2013: NoMoBS (Salah Ibnou Kacemi, Saïd Boumazoughe, Mike De Ridder en Yahya Affane), Aboudar Abbas, Urban Woorden, Jovial Mbenga, Yves-Marina Gnahoua, Luca Kortekaas, Simon den Haerynck, Sandra Delgadillo-Porcel, Kevin Welslau, Hans De Ley (Kollektief Perspektief), Aicha Cissé, Aminata Demba, Sachli Gholamalizad, Karim Kalonji en Sam De Waele (Cie Livin Proof).

WORK IN PROGRESS 2014: Luca Kortekaas, Carmien Michels, Max Greyson, Mohamed Ziani, Zukisa Nante, Idy Mbengue, Valentina Nigro, Yulma Serrano, Chaib Idrissi.

WORK IN PROGRESS 2015: Aminata Demba, Kaltoum Boufangacha, Joffrey Jay Richmond Anane, Sara Sacha Golijanin, Raquel Gualtero, Maryam Kamal Hedayat, Judith Clijsters, Osei Bantu, Giovanni Baudonck, Julien Carlier, Ali Wauters, Arbi El Ayachi.

WORK IN PROGRESS 2016: Liz Carrazco, Alex Cordova, Manu Moreau, Karel Michiels, Paola Madrid, Citlalli Avalos, Fleur Khani, Mathieu Charles, Aicha Cissé, Rona Kennedy, Elena Elshout, Fabián Espinosa-Díaz, Paulo Guerreiro, Gilles Torfs, Lola Bogaert, Fanny Brouyaux, Yassin Mrabtifi, Pitcho Womba Konga, Tierema Koama.

WORK IN PROGRESS 2017: Citlalli Avalos, Enrique Noviello, Jaouad Alloul, Idy Mbengue, Seckou Ouologuem, Jay Anane, Ahil Ratnamohan, Charlotte Goesaert, Joost Maaskant, Evangelos Biskas V, David ramos, Ehsan Rahimi Tembi, Collectief Bixas, Ehsan Hemat, Chapter One, Nathalie Rozanes, Les Mybalés, Ademilola Oduwole, Kapow! (Deogracias Kihalu, Matthias Hoogewys & Tomas Vanderplaetse), Roland Gunst, Tim Stevens, Ismael Ferdaoui, Luanda Casella

W I P C O O P = MESTIZO ARTS PLATFORM (FIËBRE), ARENBERG, KVS, VICTORIA DELUXE, ONTMOETINGS- EN CULTUURCENTRA ANTWERPEN, RATAPLAN, BURO VOOR STEDELIJK ENTHOUSIASME (TONEELHUIS, MARTHA!TENTATIEF), CAMPO, KUNSTZ, MADAM FORTUNA & KOPERGIETERY / I.S.M. D E T H E A T E R M A K E R, LET’S GO URBAN, VOORUIT, SPREEKUUR (PODIUMKUNSTEN & MINDERHEDENFORUM), DE CENTRALE, REKTO:VERSO, THEATERFESTIVAL, KUNSTENPUNT, FABULEUS, GLOBE AROMA, WORKSPACEBRUSSELS, LEZARTS URBAINS, PIANOFABRIEK/CITYLAB, TRANSFO COLLECT (DE KRIEKELAAR/RITCS), ALERTE URBAINE,GC DE VAARTKAPOEN & NTGENT